Bosbranden worden vaak als één fenomeen aangeduid, terwijl je een brand in drie soorten kunt opdelen. Sommige soorten zijn gevaarlijker dan anderen en kunnen het blussen van deze branden flink vermoeilijken. Welke soorten dit zijn, lees je in dit artikel!
De soorten die we kunnen onderscheiden hebben te maken met het niveau of de hoogte in het natuurgebied waarop de brand voornamelijk woedt. We gaan de drie soorten één voor één langs:
Loopvuur
We beginnen met het loopvuur. Dit is de meest voorkomende soort bosbrand ter wereld. Deze brand dankt zijn naam en "loopt" als het ware over de bosgrond met de windrichting mee. De brand woedt in de laagste delen van het bos en bijvoorbeeld grassen, heide, struiken en jonge bomen vatten vlam. De hoogste bomen blijven vaak grotendeels gespaard. Loopvuur is makkelijker te blussen en te voorkomen dan de andere twee soorten branden. Als de condities goed zijn, kan deze brand ook snel doorslaan naar andere hoogtes in het bos.
Grondvuur
Grondvuur brandt direct op - én in de bosgrond. De bodem in het bos bestaat vaak uit een dikke laag met droog organisch materiaal, zoals dode bladeren, takken, wortels onder de grond en humus. Bij droogte en bij een ontsteking kunnen deze materialen snel vlam vatten. Er zijn weinig vlammen, maar er kan wel veel rook bij vrijkomen.

Grondvuur kan dus ook ondergronds branden. Hierdoor verspreidt de brand zich maar langzaam en is het moeilijk te detecteren. Een speciale vorm van grondvuur is een veenbrand. Veen is een laag met organische plantenresten die niet volledig vergaan zijn. Als er zuurstof bij de ondergrondse vlammen komt, dan kunnen veenbranden extreem lang onder de grond doorsmeulen en -branden. Deze branden kunnen zelfs ondergronds de winter overleven en in de zomer opnieuw oplaaien. Dit maakt het volledig blussen van grondvuren vaak extreem lastig.
Kroonvuur
Als derde, en laatste, soort hebben we kroonvuur. Dit soort brand begint vaak als loopvuur, waarna de vlammen via de stam van de boom de bladeren en uiteindelijk de "boomkroon" bereiken. Dit is het bovenste gedeelte van een boom. Kroonvuur ontstaat als de vlammen van het loopvuur hoog genoeg kunnen worden om de onderste bladeren van de bomen te bereiken. Dit betekent dus dat er genoeg "brandstof" in de vorm van uitgedroogde vegetatie zich op de grond moet bevinden om de bladeren van de boom te bereiken. Hoe dichter bij de grond de boombladeren beginnen, hoe makkelijker een brand kan overslaan naar de boomtoppen.
Kroonvuur is de meest gevaarlijke soort brand die er is. De vlammen kunnen zich namelijk enorm snel verspreiden door de wind die hoog in de boom waait. Zo kan het vuur van boom naar boom "springen". Zeker in dichte bossen, als bomen dicht bij elkaar staan, kan het vuur razendsnel om zich heen grijpen. Soms wel tien keer sneller dan loopvuur. De brand kan zich zelfs zo snel verspreiden dat mensen en dieren ingesloten raken door het vuur. De snelheid van de vuurzee maakt het blussen van deze branden vaak lastig. Ook omdat brandweermensen vanaf de grond niet gemakkelijk bij het vuur kunnen komen, is de inzet van blushelikopters vaak noodzakelijk om de vlammen te bedwingen. Daarnaast kunnen er nieuwe brandhaarden verderop ontstaan, doordat smeulende resten met de wind mee waaien.
Lees hier al ons nieuws over bosbranden!
Veelgestelde vragen
Er zijn drie soorten bosbranden: loopvuur, grondvuur en kroonvuur. Deze soorten worden onderscheiden op basis van de hoogte of het niveau in het natuurgebied waar de brand voornamelijk woedt.
Een loopvuur is de meest voorkomende soort bosbrand. Het vuur verspreidt zich over de bosgrond met de windrichting mee en treft vooral grassen, heide, struiken en jonge bomen. Deze brand is over het algemeen makkelijker te blussen en te voorkomen dan de andere soorten.
Een grondvuur brandt op én in de bosgrond, waardoor het zich langzaam verspreidt en lastig te detecteren is. Vooral veenbranden kunnen langdurig ondergronds doorsmeulen en later opnieuw oplaaien, waardoor volledig blussen vaak erg moeilijk is.
Een kroonvuur begint vaak als een loopvuur. Wanneer de vlammen via de boomstam de bladeren en uiteindelijk de boomkroon bereiken, kan het vuur zich snel van boom naar boom verspreiden. Dit gebeurt vooral als er veel droge vegetatie op de grond ligt en de bladeren van de boom laag beginnen.
Een kroonvuur kan zich door de wind hoog in de bomen zeer snel verspreiden, soms wel tien keer sneller dan een loopvuur. Daardoor kunnen mensen en dieren ingesloten raken en is de inzet van blushelikopters vaak noodzakelijk om de brand te bestrijden.









