Het schaatsweercijfer is bedoeld om een indruk te geven van het weer voor recreatieve schaatsers in het geval er natuurijs ligt. Aan het begin van een vorstperiode kan het voorkomen dat het schaatsweercijfer hoog scoort, maar er nog niet overal betrouwbaar ijs ligt. Hier is geen rekening mee gehouden in het cijfer.
Het schaatsweercijfer wordt berekend in het winterhalfjaar over de periode van 7.00 uur tot 16.00 uur. Bij temperaturen van 1 graad en lager is de standaardscore een 10. De volgende weersfactoren kunnen voor aftrek zorgen:
Wanneer de middagtemperatuur ruim boven het vriespunt ligt scoort het weercijfer zeer laag. Ook intensieve sneeuwval levert een onvoldoende op. Deze parameters worden dan ook het zwaarst meegewogen.