De dauwpuntstemperatuur wordt bereikt wanneer je lucht zover afkoelt tot de waterdamp in de lucht begint te condenseren. (Wel onder gelijke luchtdruk en zonder dat vocht wordt toegevoerd of afgevoerd). Zodra deze temperatuur wordt bereikt is de lucht verzadigd met waterdamp en bedraagt de relatieve luchtvochtigheid 100%. Dan vormen er kleine waterdruppeltjes. Denk maar aan de bril die beslaat zodra je in een warmere vochtige omgeving komt. Eerst is de temperatuur van de bril nog lager dan het dauwpunt van de lucht rond de bril, waardoor het vocht op de brillenglazen condenseert en de bril tijdelijk beslaat. Zodra je bril warmer wordt verdampt het water weer.
De (absolute) hoeveelheid vocht die in de lucht aanwezig is wordt met de dauwpuntstemperatuur weergegeven. Het is dan ook een belangrijke indicator voor de luchtsoort. De waarde wordt berekend met behulp van de gemeten luchttemperatuur en de gemeten relatieve vochtigheid.
In de meteorologie is dauwpunt een belangrijke parameter. Zo wordt de dauwpuntstemperatuur gebruikt voor de berekening van de wolkenbasis, de kans op mist en mogelijke ijsvorming op vliegtuigen tijdens de vlucht. Een hoge dauwpuntstemperatuur zorgt ook voor een grotere kans op onweersbuien.
Bron: Weeronline.nl